Bezemer & Kuiper

contact met uw vertrouwenspersoon
Header

29 juni 2017

Mediation in klachtkwesties

Bij een klacht ongewenst gedrag, ingediend bij de klachtencommissie ongewenst gedrag, komt het nog wel eens voor dat een klachtencommissie mogelijkheden ziet om mediation aan betrokken partijen te suggereren. Na een eerste ronde van hoor- en wederhoor vormt de klachtencommissie zich een eerste beeld van de zaak. Er dient zich een keuze aan: de klacht geheel uitbehandelen, mogelijke getuigen oproepen en uiteindelijk een uitspraak doen over de (on)gegrondheid van de klacht. Of bij partijen polsen of er bereidheid is tot mediation. Mediation kan alleen ingezet worden op basis van vrijwilligheid tot deelname. In sommige gevallen is deze er en kan de klacht in mediation worden opgelost. In andere gevallen is het ongewenst gedrag en de effecten hiervan op een klager zo ernstig geweest dat mediation geen oplossing is. De vraag is ook of de klachtencommissie dit in dit soort gevallen dan ook wel in overweging moet nemen. Ook een vraag is: is de klachtencommissie, werkend conform een reglement/procedure, gerechtigd om een voorstel tot mediation te doen? In veel klachtreglementen ongewenst gedrag van werkgevers staat dit nog niet. In de door ons ontwikkelde klachtenregelingen nemen wij meer en meer op ‘de klachtencommissie is in iedere fase van de procedure gerechtigd bij partijen de bereidheid tot mediation af te tasten´. De inzet van en bereidheid tot mediation kan dan vanuit dit mandaat vanuit de klachtenregeling door de klachtencommissie worden verkend. In sommige klachtkwesties blijkt mediation tot goede oplossingen te kunnen leiden. Zeker niet in alle klachtzaken, vaak veroorzaakt door aard en ernst van het ongewenst gedrag van aangeklaagde. In de gevallen waar het kan en lukt worden slepende klachtzaken vermeden en worden er weer werkbare oplossingen gevonden. Omdat deze oplossingen vastgelegd worden in schriftelijke afspraken, geeft dit vaak voor klager, aangeklaagde en de organisatie weer een werkbaar handvat naar de toekomst. Waar ook weer op terug gegrepen kan worden!

mr. Ernst-Jan Schubad